Feeds:
Berichten
Reacties
Er was eens iemand die zijn woning of appartement wilde binnengaan maar zijn sleutel niet kon vinden (misschien vergeten of verloren?). Na enig nadenken besefte hij, dat het niet zou helpen om de voordeur te (laten) schilderen en daarbij te kiezen voor een bepaalde kleur. Neen! Hij moest aan de sleutel zien te geraken.

Zijn probleem was nu echter, dat de sleutelbewaarders in zijn streek mensen in dienst hadden die de bewoners’ hun sleutels stalen, en verder iedereen die ernaar vroeg, of een sleutel noemde, monddood maakten door ze als dom, dwaas of misdadig af te schilderen, ze hun brood, werk en eer afnamen, en er zelfs niet voor terugdeinsden ze te vergiftigen of hoedanook “onverklaarbaar” te laten overlijden.

Is het ook hier niet zo gesteld? Als het bestolen volk, bij ons hier in het westblok, daar in het oostblok of ginds in de zogenaamde “derde wereld”, naar (inspraak in) de macht van het transnationale bedrijfsleven vraagt, naar zijn eigen bezit, of zijn aandeel in de winst terugvraagt (het resultaat toch van zijn eigen arbeid), stuit het dan niet op de door hen zelf gekozen politici (van verschillende kleuren) op media, politologen en academici, de politie en het leger, binnenlandse geheime “veiligheidsdiensten”, spionnen of op dokters en psychiaters?

En wat problematischer is: de sleutel van dit probleem, is hij niet zelf onderdeel van het probleem?

GODALLEMACHTIG! Een fabeltje?

(kleine poging tot sublimering n.a.v. de verschillende pogingen tot

publiceren van de “Open brief aan Albert II” met als minimaal resultaat

de ge(her- en her- en her-)censureerde versie in De Standaard)

Geachte Redactie,
Geachte hoofdredacteur Jürgen Oosterwaal,

In naam van de vrije meningsuiting wend ik me tot jullie blad.

U moet namelijk weten dat ik een open brief aan Albert II heb geschreven [zie
bijlage "SIRE2") en die is op 10 november aangetekend naar zijn Paleis aan de
Brederodestraat te Brussel opgestuurd en op 8 november aan De Standaard
aangeboden ter publikatie.

DS heeft acht dagen later (op 16/11/07), na me twee maal een herwerking te
hebben gevraagd, uiteindelijk slechts de eerste helft van de herwerkte versie
als "waarde redactie stuk" gepubliceerd (zie bijlage "SIRE4", let wel: wat
tussen rechte haakjes staat [...] werd weggeknipt!). 

Welnu, het is altijd interessant om te zien wàt er NIET doorkomt. Dat is hier:

1e:
Mijn waarschuwing dat ("Men" n.l.) het multinationaal bedrijfsleven (en voor
hen politici, en pers) de bevolking wijs maakt dat zij door hun mens- en
milieuvernietigende concurrentie en „profilering“ de welvaart van de burger
vergroten, terwijl zij eigenlijk de werknemers, hier en in de zogenaamde "derde
wereld" uitbuiten.

2e:
Dat om de astronomische winsten ter beschikking te stellen van de werknemers
waardoor de sociale zekerheid, de tewerkstelling de pensioenen betaalbaar
worden, de ondernemingen, en dus ook de politici, onder democratische controle
gebracht moeten worden van de burgers ten behoeve van het algemeen belang.
Hierbij waarschuw ik dat dit niet vanzelf zal gaan, wat iedereen inmiddels wel
weet.

3e:
Mijn "kerstboodschap", de oproep tot vredig samenwerken i.p.v. te concurreren
van alle mensen (van goede "kerstwil"). We zijn namelijk het mondiaal
concurreren, vechten en presteren ècht beu. Mijn oproep aan de Sire om met ons
de solidariteit te redden: het "eigen volk" smeekt om eten, verwarming, vrede,
"proper" werk en om mogelijkheden om zich creatief te uiten, zowel artistiek
als religieus en politiek. 

Beste HUMO,
Deze elementen zal ik dus elders moeten zien te publiceren of te communiceren,
omdat ze de schaar van de selectie van DS niet hebben overleefd.
Maar ja het medium dicteert de ingekrompenheid van de (on-)vrije meningsuiting,
nietwaar? Dit kan men leren in de studierichting Communicatiewetenschappen,
waar ik jarenlang in de Ufsia/UA o.a. het vak Communicatiepsychologie doceerde.

Ik leg u deze "gecensureerde" elementen voor en u kunt er creatief over
beschikken en ze publiceren als ingezonden tekst (brief), maar wel niet dan na
mij de te-publiceren-versie voor te leggen (via mail), of toch mij voldoende
zicht te hebben gegeven op uw creativiteit in deze.

Met vriendelijke groet van een trouwe HUMO-lezer,

Em.prof.dr.Henk J.C.Wijffels (UA)


P.S.
Mijn frustratie hieromtrent heb ik gesublimeerd in een fabeltje dat ik u ter
overweging (als u wilt ook ter publikatie) meegeef (zie Fabeltje 2). Het sluit
aan bij het (wat poëtische) einde van mijn brief aan de koning, waar ik verwijs
naar het verhaal "Repelsteeltje" van de gebroeders Grimm, over de macht van het
benoemen van (boosaardige) mensen. Maar het sluit ook aan bij element 2
(hierboven) waar ik vermeld dat het raken aan de macht (het te democratiseren)
op grote en bonte (zie het fabeltje zelf) weerstanden stoot.
“Sire,

Sta mij toe iets te vertolken van wat ik denk dat er onder Uw volk leeft. Gezien het feit dat het stilaan duidelijk wordt dat onze politici geen oplossing kunnen vinden voor de huidige politieke crisis, denk ik dat ik een voorstel kan doen om hieruit te geraken. Gelieve de politici naar huis te sturen en een grondwetgevende vergadering (een Constituante) bijeen te roepen, volgens door de wet daarvoor voorziene regels. Laat 300 mensen verkiezen, waarbij iedereen verkiesbaar is die aan volgende voorwaarden voldoet: zij/hij woont in België en levert een bijdrage aan ons bruto nationaal welzijn,

heeft de leeftijd van kiesgerechtigde bereikt en beschikt over 30 handtekeningen van burgers die haar of hem voordragen. Deze vergadering krijgt als opdracht het hertekenen van onze instellingen en de politieke besluitvorming, het herschrijven van de grondwet en het indelen van het land in regio´s met bepaling van bevoegdheden. De vergadering is soeverein en wordt voorgezeten door de koning of diens afgevaardigde.

Er zij twee redenen om dit te doen. Ten eerste, omdat de huidige politici er niet in slagen een nieuwe regering samen te stellen. Ten tweede, omdat zij te veel een beleid voorstaan dat de belangen dient van de transnationale bedrijven. Deze kennen echter geen democratische controle, noch door hun eigen werknemers, noch door de regeringen van de landen waarin zij werkzaam zijn. Deze organisaties, en dus ook de politici die deze grote werkgevers ter wille zijn, hebben niet het algemeen belang op het oog. Zij hebben namelijk als eerste doel zo veel mogerlijk, en steeds meer winst te maken voor privé-personen (hun aandeelhouders). Men maakt de bevolking wijs dat zij door hun mens- en milieuvernietigende concurrentie en „profilering” de welvaart van de burger vergroten, terwijl zij eigenlijk de werknemers, hier en in de zogenaamde “derde wereld” uitbuiten. België zou zich juist onafhankelijker moeten opstellen tegenover die internationale bedrijven en hun lobbygroepen, en bewerken dat hun astronomische winsten ten goede komen van degenen die ervoor werken: de werknemers. Dan zijn de sociale zekerheid, de tewerkstelling en de pensioenen direct betaalbaar. Dit gaat slechts door de ondernemingen, en dus ook de politici, onder democratische controle te brengen van de burgers ten behoeve van het algemeen belang. Dit zal niet vanzelf gaan, dat weet iedereen.

Laat voortaan samenwerking voorrang krijgen op concurrentie of profilering, dat voortaan de jongeren voor de ouderen zorgen en de ouderen voor de jongeren, dat zo ook de rijken en de armen, de blanken en de kleurlingen, Walen en Vlamingen, mannen en vrouwen, christenen, islamieten en joden – iedereen dus – voor elkaar zorgen in de te bouwen woning van een sociaal Europa. We zijn het mondiaal concurreren, vechten en presteren ècht beu. Redt met ons de solidariteit. Sire, neem terug het heft (en scepter) in handen, dien uw volk dat smeekt om eten, verwarming, vrede, “proper” werk en om mogelijkheden om zich creatief te uiten, zowel artistiek als religieus en politiek.

We weten dat ook dit mensenwerk zal worden, maar een Constituante is tenminste geen duivelswerk. Ook hierbij zullen de belangen van de partijpolitiek, de transnationale bedrijven, en de lichtgelovigheid en onverschilligheid der burgers hun invloed blijven doen gelden. Maar het is wel een fundamenteel democratische poging om hieraan redelijke grenzen te stellen.

Antwerpen 12 november 2007

Em. prof.dr. H.J.C. Wijffels (UA)

Universiteit Antwerpen

[N.B. Dit is een ingekorte versie van de op 10/11/07 aan Albert II toegezonden brief – zie eerder bericht op deze weblog, aanpassingen gebeurden op aanvraag van een aanvankelijk weigerachtige De Standaard.]

Enkele links voor mensen die zich ietsje dieper willen graven i.v.m. de Constituante zoals die in Ecuador georganiseerd werd…

Ecuador doet het

het volk aan het woord: weblogs over de ‘asamblea constituyente’:

Asamblea Constituyente Ecuador – La Asamblea desde el punto de vista de un ciudadano ecuatoriano que desea aportar con ideas y reflexiones relacionadas con este tema, en busca de una verdadera reforma constitucional que beneficie a todos los ecuatorianos.

http://www.ecuadorconstituyente.net/

http://www.asambleaconstituyente.gov.ec/

constituyente

YouTube en Yahoo Video als democratisch vehikel van de kandidaatsverkiezingen voor de Constituante:

http://www.youtube.com/results?search_query=Asamblea+Constituyente&search=Search

een voorbeeldje:


http://es.youtube.com/watch?v=xQW80r5FtRs

Yahoo Video:

http://telemundo.video.yahoo.com/video/play?vid=1051445&fr=

presidente correa

In Ecuador heeft president Correa op 15 april 2007 een volksraadpleging gewonnen. Deze volksraadpleging betrof de vraag of er een ’Asamblea Constituyente’ (grondwetgevende vergadering) zou worden ingesteld, met alle volmachten om de grondwet te herschrijven en de regionale verdelingen te herzien?

De verplichte stemming maakt dat deze raadpleging een betrouwbare weergave is van de publieke opinie.

De Cedatus-Gallup exit-poll meet een voorlopige maar overtuigende uitkomst (65.5 % van de bevolking) van 81.59 % stemmen voor de constituyente en 12.57 % tegen. Dit betekent dat men kan overgaan tot het verkiezen van 130 leden van een grondwetgevende vergadering, met vertegenwoordigers uit de verschillende partijen, de vakbonden en andere politieke bewegingen. Verder kan iedereen die ouder is dan 20 jaar zich kandidaat stellen.

Terwijl in de rest van de wereld de verjaardag van de paus de voorpagina’s beheerst, prijkt in de Ecuadoriaanse kranten als El Mercurio “Ciudadanos votaran por el cambia” (het volk stemt vóór verandering).

“Le changement” was de leus van Mitterand indertijd. Het gegeven dat politieke partijen met zowel de burgerij en boerenverenigingen aan een tafel gaan zitten is een historisch gebeurtenis. Voor het eerst sinds lange tijd zullen deze twee belangrijke segmenten van de Ecuadoriaanse samenleving terug een gezamenlijke zeg krijgen in de politieke toekomst van de Ecuadoriaanse staat.

De internationale handelspartners zullen natuurlijk proberen Correa’s bewegingsruimte aan banden te leggen. De vertegenwoordigers van de Wereld Handelsorganisatie (WHO) worden in elk geval op hun plaats gezet nadat ze hem ‘financiële compensaties’ aanboden om het referendum alsnog niet op te volgen. Geleidelijk aan verslapt de greep van de Noorderburen op de interne economie. Ecuador sluit ondertussen wel handelsakkoorden met China, terwijl in mei 2006 de onderhandelingen rond het vrijhandelsverdrag met de VS op een sisser afliepen en de Europese Unie voorlopig aan de zijlijn toekijkt.

Kan dit voor Ecuador de definitieve ommezwaai naar links betekenen. Gaat Ecuador dezelfde weg op als de omringende landen Venezuela, Bolivië en Brazilië?

Feit is dat Morales en Chavez hun eerste Zuid-Amerikaanse energietop houden over biobrandstoffen. Iets waar ze in de nabije toekomst graag hun buurlanden bij willen betrekken. Gaan de oliesjeiks in het Midden-Oosten nog voor de voorraad op is met een verzuurd overschotje olie blijven zitten? De geschiedenis zal er over oordelen.

http://vl.attac.be/breve144.html

In ECUADOR heeft zojuist (gisteren) president Correa een volksraadpleging gewonnen met 78,1 % SI (voorlopig resultaat van de Cedatus-Gallup exit-poll), 11,5% NO, 11,5% ongeldig en 3,3% (blanco).

Ecuador doet het toch maar

Deze volksraadpleging (stemming verplicht) betrof de vraag of er een CONSTTUANTE zou worden ingesteld, met alle volmachten om de grondwet te herschrijven en de regio’s in de staat opnieuw in te richten. Dus nu zullen er 130 leden van een A

LGEMENE VERGADERING gekozen worden, met kandidaten uit “burgerlijke sectoren”, partijen en politieke bewegingen waaruit iedereen van 20 of meer jaren zich kandidaat mag stellen. “CIUDADANOS VOTERAN POR EL CAMBIO” (El Mercurio, p. 8A) staat er dan ook in de krant van vandaag (terwijl de paus net 80 jaar werd?). “Le changement” was de leus van Mitterand indertijd…en de geschiedenis zal erover oordelen.

De WTO krijgt alvast de bons van Correa! De internationale verhoudingen (wurggreepjes) zullen wel reageren, maar Morales en Chavez houden hun eerste Zuid-Amerikaanse EnergieTop (biocombustibles: gaan de emirs en fakirs in het midden-oosten binnenkort met een verzuurd overschothje olie zitten?) en Ecuador sluit handelsakkoorden af met China, wat ze onafhankelijker maakt van de EE.UU (=V.S.).

Kameraadjes, tot dan,

Henk Wijffels

Misschien is een referendum over een constituante geen gek idee voor ons Belgiekske?

Peperkoek: een korte geschiedenis.

“In Vlaanderen spreekt men over ‘peperkoek’ en ‘honingkoek’ maar er bestaan nog vele andere benamingen, afhankelijk van de ingrediënten en de plaatselijke gebruiken, zoals : lekkerkoeke, hansakoek, pondkoek, couque des Ardennes, Couque de Dinant, zeemkoek, zoetekoeke, kruidkoek, feestekoek, ontbijtkoek, enz.

Hoelang peperkoek reeds bestaat is eigenlijk niet juist te achterhalen.

Ten tijde van de Farao’s bakte men in het oude Egypte reeds een koek, die uit granen, honing en specerijen bestond. Ook de oude Grieken kenden een honingkoek, waarvan de zoete eigenschappen zeer gewaardeerd werden. Bovendien werden deze koeken aan de goden geofferd om hen gunstig te stemmen. Bij de Romeinen werd aan de honingkoek dan weer echte peper en gedroogd fruit toegevoegd.

Ten tijde van Genghis Khan in de 10° eeuw was de honingkoek – ‘mi-kong’ genoemd bij de Chinezen – dan weer een lekkernij, die deel uitmaakte van de rantsoenen van de ruiters van zijn leger. Een legende vermeldt dat bisschop St Gregorius reeds in 992 in Pithiviers (Frankrijk) een koek van armeense oorsprong met kruiden en honing leerde bakken. Andere verhalen vertellen dan weer dat de Kruisvaarders de peperkoek mee uit Jeruzalem naar Europa hebben gebracht.

Bij het begin van de middeleeuwen werd peperkoek gebakken in de kloosters. Binnen de muren van deze kloosters werden inderdaad granen geoogst en werden ook bijtjes gehouden. In de twaalfde eeuw zou zelfs de abt van een klooster in Basel (Zwitserland) het bakken verboden hebben, aangezien de peper en de specerijen de monniken te veel verhit zou hebben… In ieder geval werd aan peperkoek steeds geneeskundige krachten toebedeeld. De koeken werden “peperkoek” genoemd omdat peper de duurste specerij was die in de koeken verwerkt werd.

De ontdekkingreizen in de 15° en 16° eeuw zorgden er dan weer voor dat andere en nieuwe specerijen naar Europa werden gebracht en aan de honingkoek werden toegevoegd. Gedurende vele eeuwen was peperkoek een zeer gewaardeerd geschenk dat aan hoogwaardigheidsbekleders werd aangeboden bij het bezoeken van andere landen en steden. Een gebruik dat nu nog steeds in diverse streken in gebruik is.

Ten tijde van de Franse revolutie ontstond het verhaal over een meestergast, genaamd Anselme uit Dijon (nog steeds een bekende streek in Frankrijk voor peperkoek), die in een bui van grote verliefdheid op de dochter van zijn baas, per vergissing honing in plaats van boter in de koek verwerkt zou hebben. Gelukkig voor Anselme, zijn baas en de streek van Dijon werd de vergissing door de bevolking goed onthaald en Dijon werd meteen bekend voor zijn nieuwe specialiteit.

Een ander verhaal is dat Filips de Goede in 1452 de peperkoek in Vlaanderen had leren kennen en van hieruit een peperkoekbakker mee naar Frankrijk had genomen, zodat men ook daar van deze lekkernij kon genieten.
Reeds in de 16° eeuw bestond er in Parijs een gespecialiseerde beurs ‘La Foire du pain d’épices’. Ook de streek van Reims stond bekend als een belangrijk producent voor ‘pain d’épices’.

In Nederland werd reeds vanaf het begin van de 16° eeuw in de omgeving van Utrecht, koek geproduceerd. Later werd de productie uitgebreid naar Friesland, Deventer, Groningen enz. De provincie Friesland in het noorden van Nederland, is nog steeds een belangrijk centrum van ontbijtkoek en in het begin van de 16° eeuw werd er op de markt reeds ontbijtkoek verkocht aan de gelovigen die de kerk verlieten.

Maar ook in Vlaanderen was peperkoek sinds de 13° eeuw een zeer gewaardeerde lekkernij. Gent stond bekend voor zijn lekkere peperkoek, waar dan weer als versiering gekonfijte sinaasappelschilletjes en amandelen werden aan toegevoegd. Vanuit Gent werd heel wat peperkoek geëxporteerd naar Engeland, aangezien men daar alleen ‘gingerbread’ met kandijsuikerstroop kende en honing op dat ogenblik bij de engelsen nog niet bekend was. Ook Brugge, Roeselare en Kortrijk waren belangrijke centra voor de productie van peperkoek. Sinds de 13° eeuw bestaat in Ronse reeds het gebruik dat het stadsbestuur jaarlijks een peperkoek overhandigde aan een Mijnheer van Wattripont, die via een oorkonde de inwoners hun vrijheid had toegekend. Zo ontstonden er gilden, die bepaalden wie peperkoek mocht bakken, wat de samenstelling van de ingrediënten was en zelfs in welke vorm deze diende gebakken te worden.

In 1721 werd in Antwerpen een verordening gepubliceerd over wie zich de titel van peperkoekbakker mocht toe-eigenen. In het jaar 1784 bestonden er alleen in Antwerpen reeds 60 erkende peperkoekbakkers. In de Kempen was het de gewoonte bij de nieuwjaarsborrel een schelleke peperkoek in de herbergen aan te bieden. En in de kerken werd aan de gelovigen die hun Paasplicht hadden vervuld peperkoek uitgedeeld.

Zowel in Nederland als in België werd op kermissen een speciale platte, taaie koek gebakken, die de jongens met bijlen in 3 stukken dienden te hakken, ‘koekhakken’ genoemd. De winnaar kreeg dan als geschenk een lekker stuk ‘pondkoek’. In Nederland is de taaiere versie nog steeds gekend als ‘taaitaai’.

Ook in Duitsland werd in de 17° eeuw peperkoek gebakken onder de benaming ‘Lebkuchen’, benaming die nog steeds gebruikt wordt en ook hier speelden de gilden een grote rol.

De legende van Sinterklaas vertelt dan weer dat aan de brave kinderen, kruidenkoek gebakken in de vorm van de heilige man, werd gegeven op 6 december. Heden associëren we, behalve in Nederland, Sinterklaas met speculoos. Dat is niet zo vreemd, als je weet dat Speculoos gewoon de harder gebakken, vaak krokante versie van peperkoek, met exact dezelfde ingrediënten (natuurlijk afhankelijk van de talloze recepten). De kleine krokante pepernoten uit Nederland vormen een soort ‘crossover’ product.

Alle bakkers in Vlaanderen bakten op een ambachtelijke wijze hun eigen peperkoek tot het ontstaan van de tweede wereldoorlog. Nadien werd de productie meer en meer in bepaalde centra, zoals Gent, Verviers, Mechelen, Sint Niklaas en Dinant gecentraliseerd. Na de tweede wereldoorlog waren er in België nog zo’n 140 peperkoekbakkerijen.
Door het zeer arbeidsintensieve proces daalde het aantal lokale peperkoekbakkers zienderogen. Bovendien ontstond er door een concentratie in de distributie een schaalvergroting in de aankoop, zodat er een nood bestond aan grote belangrijke leveranciers, met het gevolg dat de plaatselijke bakker zijn markt zag verloren gaan. Heden zijn er nog maar twee ambachtelijke peperkoekbakkerijen.”

Klik hier voor de bron van dit artikel